De grauwe razer

Ga naar: navigatie, zoeken

Heer Bommel en de grauwe razer (in boekuitgaven/spraakgebruik verkort tot De grauwe razer) is een verhaal uit de Bommelsaga, geschreven en getekend door Marten Toonder. Het verhaal verscheen voor het eerst op 31 oktober 1962 en liep tot 4 februari 1963. Het verhaal draait om jeugd en opvoeding.[1][2]

Het verhaal

Op een vroege morgen in de herfst heeft heer Bommel behoefte aan een ontspannend autoritje. Samen met Tom Poes belandt hij met de Oude Schicht in De Zwarte Bergen op onbekend terrein, omdat heer Bommel de verkeerde kaart had meegenomen. Het gebied staat in een kwade reuk. Er huist een woest roversvolk in de diepe kloven en ravijnen.[3] De spelonken worden bevolkt door allerlei levensvormen en de bergtoppen zijn bekroond met bouwsels, die onzalige gedrochten huisvesten. Maar gelukkig doemt er een gastvrije herberg op met het uithangbord:

 "In de Grauwe Razer" 

De waard vertelt over het nabijgelegen kasteel, de Zwarte Drens met monsters die al eeuwen op reizigers loeren. Het kasteel boven de Knekelkloof wordt nu bewoond door de grauwe razer. Het verhaal van de waard bederft de eetlust van heer Bommel. De twee vrienden blijven een nachtje slapen in een stapelbed, Tom Poes prinsheerlijk boven. Heer Bommel piekerend beneden. Hoewel heer Ollie 's nachts vol angst is, neemt de nieuwsgierigheid anderdaags de overhand en overdag bezoeken ze de ruïne, nadat de waard ze de weg naar het zuiden heeft gewezen, die vlak langs het slot voert. De razer heeft van zijn voorouders een onaangenaam uiterlijk en stuitende manieren geërfd. Een oude kraai is hem door zijn vader nagelaten. Het beest heeft een opvallend vocabulaire, zoals "krotenkoker", "puingruwel", "halfsleet", "krothuis", "stuk repel"

De twee vrienden worden onder het schelden van de kraai door de grauwe razer met grof geweld uit zijn huis gejaagd. Hij vernielt de hangbrug over de kloof en zelfs na hun val in een poel in het ravijn blijft de kraai hen nog achtervolgen. Heer Ollie is zo boos dat hij een rotsblok van zijn plaats stoot dat de hele rotspiek met het kasteel ondersteunt, met alle gevolgen van dien. De ontroostbare huilende razer is nu huis en haard kwijt en heeft daarbij veel last van het daglicht. Tom Poes wil slechts snel vluchten in de Oude Schicht, maar heer Bommel voelt zich verantwoordelijk voor de ontheemde grauwe razer. Heer Ollie toont ondanks de indringende waarschuwingen van Tom Poes mededogen en neemt de razer achter op de Oude Schicht met een deken over hem mee. De meevliegende kraai begeleidt de auto naar slot Bommelstein. Heer Bommel wil persoonlijk de opvoeding ter hand te nemen.[4]

Vlak bij huis ontstaat er een vervelend misverstand door toedoen van de kraai met de Markies de Canteclaer. In plaats van een duel stuurt de markies twee lakeien die op Bommelstein verhaal moeten halen. Ze worden echter ruw door de nieuwe bewoner buiten geworpen. De razer is helemaal in zijn element in het schemerige slot Bommelstein en al gauw is het er een ravage. Joost en Heer Bommel lijden onder het schrikbewind van de kraai en de grauwe razer. Kasteel Bommelstein ontwikkelt zich langzaam aan zelf ook richting ruïne.

Gelukkig bezoekt professor Prlwytzkofsky het kasteel om geld in te zamelen voor een reis naar de verschrikkelijke sneeuwman in de Himalaya. Hij wil wel wetenschappelijke hulp bieden. Hij wordt door het monster, dat onder invloed van raapbrand verkeert,[5] vanuit de kasteelkelder het slot uit geslagen. Hij zoekt collegiale hulp bij doctor [6] Zielknijper van de Ontsporings- en Voogdijraad. “Is dit monster een knaap of is dezer knaap een monster?” Collega Zielknijper antwoordt dat monstervorming bij de jeugd voorkomt evenals jeugdvorming bij de monsters. Op hun weg naar Bommelstein passeren ze een ruïne van een oude gevangenis waar men vroeger knapen opsloot die monsters waren. Op Bommelstein kunnen ze de laveloze grauwe razer moeiteloos meenemen naar de kliniek van doctor Zielknijper. Tom Poes heeft intussen de kraai in een vogelkooi gevangen en biedt de beide geleerden tevergeefs zijn diensten aan.

Heer Bommel voelt zich hier niet prettig bij en dwarsboomt de behandeling voortdurend. Tom Poes houdt zich ondertussen thuis bezig met de kraai in een kooi en leert het beest nette taal. Geen van alle goedbedoelende opvoeders ziet echter iets in die bezigheid, al raakt heer Bommel langzaam aan wel overtuigd van de aanpak van Tom Poes. Maar hij onderneemt zelf actie om de grauwe razer terug te halen.

Heer Ollie gaat de razer aan de zorg van doctor Zielknijper onttrekken. Hij koopt de portier om en draait de hoofdschakelaar uit. De grauwe razer werd kalm gehouden in een felle lichtbundel. Het monster vlucht nu naar de leegstaande gevangenis. Tom Poes stuurt de kraai nu terug naar zijn baas en het tweetal voelt zich samen snel thuis in die oude ruïne. Commissaris Bulle Bas komt intussen persoonlijk op het kasteel de kasteelheer verbaliseren. Heer Bommel besluit vervolgens de zaak ridderlijk aan te gaan pakken. Hij wapent zich met helm en schild en laat Tom Poes zijn lans dragen.[7] Ze worden omvergereden door een overvalwagen van de Rommeldamse politie, bewapend met traangasbommen en geweren. Heer Bommel en Tom Poes maken weer ruzie. De kasteelheer legt de gevaren uit van deze wereld voor een monster, dat wordt gemangeld tussen traangas en de wetenschap. Het twistgesprek wordt beëindigd doordat heer Bommel abusievelijk in een schepnet van de langsrijdende professor Prlwytzkofsky wordt opgeveegd. Tom Poes komt met de mededeling dat de grauwe razer met de kraai in de oude gevangenis huist.

Zielknijper en Prlwytzkofsky leggen contact met de grauwe razer. Die biedt zelfs aan thee te zetten. Professor Prlwytzkofsky heeft er wel oren naar, maar doctor Zielknijper vertrouwt het niet. Hij ziet de getoonde zachtmoedigheid als een preambule tot volledige razernij. Hij vraagt broeder Hogel en zijn collega hulp te gaan halen. Buiten treffen ze commissaris Bulle Bas en die komt met getrokken revolver de oude gevangenis binnenstormen om het monster terug naar de kliniek te brengen. Op dat moment komt heer Ollie ook binnenrennen en het gemeentelijk pand waar de commissaris van spreekt is inmiddels reeds eigendom van de kasteelheer, die de grauwe razer tot huisbewaarder maakt van deze oude gevangenis. Hij had toch nog goed naar het aankoopadvies Tom Poes geluisterd, hoe met geld het probleem op te lossen. Hij verzoekt de hulpverleners en de politie te vertrekken op straffe van huisvredebreuk. Volgens de politiechef is een huisbewaarder die raast en tiert een monster. Heer Bommel vindt dat zijn huisbewaarder nu goed is opgevoed door de spraaklessen van Tom Poes aan de kraai. Hierop wordt hij zelf alsnog door zijn huisbewaarder buiten geworpen. ”Lekker rust!”, roept de grauwe razer hem na.

De kasteelheer wordt door twee agenten kasteel Bommelstein binnengedragen met de mededeling: “Hij is door de huisbewaarder uit zijn gevangenis gegooid maar hij wil geen aanklacht indienen!” Heer Bommel woont de slotmaaltijd opgewekt bij met zijn hoofd in het verband. Verder zijn de twee wetenschappers, Tom Poes en de commissaris aanwezig. Zielknijper en Bulle Bas willen het monster nog graag aanpakken maar Heer Bommel stelt dat we het monster nu met rust moeten laten. Professor Prlwytzkofsky is ook die mening toegedaan. Hij gaat niet naar de Himalaya want "Dezer monstrum heeft mij schoon twee hoedvormen gekost."

Voetnoot

  1. Het verhaal neemt de verschillende behandelwijzen van moeilijk opvoedbare individuen en de daarbij ontstane tegengestelde belangen op de hak.
  2. Op de website http://kranten.kb.nl zijn 73 afleveringen terug te vinden.
  3. Zie het eerdere verhaal: De bergmensen
  4. In De Volledige Werken worden de stripstroken 5759 t/m 5762 geschrapt. Er is een controle bij de grenspost Priobol. Door het gescheld van de kraai worden de grensbewakers door de grauwe razer teruggejaagd in hun kantoorgebouw. Tom Poes moedigt heer Bommel aan nu snel weg te rijden. Onderweg maken ze samen ruzie over de gevolgen van het incident, omdat het kenteken wel zal zijn doorgegeven aan de politie. Maar heer Bommel blijft vastbesloten de grauwe razer, die weer achter op de Oude Schicht zit, een kans te geven.
  5. Zie het vorige verhaal: De tijwisselaar.
  6. Er zijn geen bewijzen voor deze titel.
  7. Op stripstrook 4809 lijkt het duo zo op Don Quichot en Sancho Panza.

Hoorspel

Voorganger:
De tijwisselaar
Bommelsaga
31 oktober 1962 - 4 februari 1963
Opvolger:
Het kukel