De grote Barribal

Ga naar: navigatie, zoeken

Tom Poes en de grote Barribal (in boekuitgaven/spraakgebruik verkort tot De grote Barribal) is een verhaal uit de Bommelsaga, geschreven en getekend door Marten Toonder. Het verhaal verscheen voor het eerst op 13 december 1965 en liep tot 19 februari 1966. Thema is het leiderschapssyndroom.

Het verhaal

Heer Ollie neemt Tom Poes tegen zijn zin [1] mee op een reisje naar het zuiden met de Oude Schicht. Het loopt echter allemaal anders dan verwacht, want in de Zwarte Bergen worden ze geconfronteerd met de angst voor de reus Barribal. Tom Poes raakt in gesprek met een geplaagde dwerg, die waarschuwt voor de geweldige reus Barribal die in een grot woont. Hij zal de macht overnemen en een eind maken aan alle onrecht. Net als de dwerg wordt ook heer Bommel aangevallen door de rellerige jeugd in het gebied. Ook heer Bommel vraagt bij Tom Poes om iemand die met sterke hand ingrijpt. De gesprekken worden afgeluisterd door professor Joachim Sickbock, die een studie verricht naar het leiderssyndroom.

Heer Bommel en Tom Poes onderzoeken de grot. Veel meer bewijs voor de reus dan een grote angstaanjagende schaduw en echo's vinden ze niet. Bij de uitgang worden ze opgewacht door de professor. Bij hun weg naar beneden wordt Heer Bommel wederom belaagd door de plaatselijke reljeugd, die het bestaan van de grote Barribal ontkent. Al het lawaai veroorzaakt echter wel een lawine, waardoor heer Ollie geblesseerd raakt. Professor Sickbock verzorgt hem en na een tijdje kan de gebroken heer naar slot Bommelstein terugkeren met als diagnose een dubbele scheenbepranging, die door de universeel geleerde werd gespalkt.

Korte tijd later staat Wammes Waggel op de stoep van slot Bommelstein met een reclamefolder voor een radio-uitzending van de Vrije Zender van de Radio Barribal, waarin de grote Barribal nieuwe tijden vol strenge doch rechtvaardige wetten aankondigt. De stad Rommeldam raakt al gauw onder de invloed van de uitzendingen en dit wordt nog eens versterkt door enorme voetafdrukken in de buurt van de stad, die door Wammes met een speciaal daarvoor gebouwde wagen gemaakt blijken te zijn. Tom Poes denkt er het zijne van en hij vindt commissaris Bulle Bas als medestander, die op zijn minst de clandestiene uitzendingen wil aanpakken.

Burgemeester Dickerdack stuurt commissaris Bulle Bas inspecteur Klopstock als versterking. De radio-uitzendingen[2] worden gevolgd door televisie-uitzendingen, waarin Barribal inderdaad als reus verschijnt. Ieder die de uitzendingen niet volgt wordt als verdacht gezien en heer Ollie, die uit principe geen tv wil, als eerste. [3] Er komt een mededeling op zijn hekwerk, Barribal zal hem grijpen. Wammes Waggel plakt ook nog eens handen op verdachte panden. En dus ook op slot Bommelstein. Kruidenier Grootgrut staakt zijn leveranties en er vormt zich een boze menigte voor het hekwerk van het kasteel. Joost vertrekt uit het belegerde kasteel. De burgemeester geeft bovendien de commissaris nu de opdracht de uitzendingen niet te hinderen.

Het spoor van Wammes Waggel leidt Tom Poes naar een laboratorium in de stad, waar Bulle Bas zijn nood klaagt. Tom Poes gaat, omdat Bas niet in mag grijpen van burgemeester Dickerdack, naar binnen om onderzoek te doen en loopt achter programmaleider Sickbock langs naar de in miniatuur gebouwde paleiszaal waar hij de eigenaardige dwerg uit de Zwarte Bergen hervindt. Hij haalt de dwerg over om zich buiten de studio aan zijn volgelingen te vertonen, maar dit lijkt op een mislukking uit te lopen, totdat ze bij het oploopje rond heer Ollie komen. In de schermutselingen die volgen raakt Barribal tot het besef dat hij helemaal geen reus is, waarop Heer Bommel constateert dat zijn been plots genezen is. Bovendien ziet hij de dwerg uit de Zwarte Bergen terug, die nu beweert zelf de grote Barribal te zijn.

De dwerg gaat vervolgens in op de door Tom Poes verzonnen list: hij zal nog één maal een uitzending verzorgen en heer Ollie zal dan listig het bedrog aantonen. Heer Bommel vertoont zich na de toespraak van de dwerg samen met hem in groot formaat op het televisiescherm met zijn eigen woorden : “Het is vreselijk wanneer men een dwerg voor een reus aanziet.” Burgemeester Dickerdack belt verontwaardigd de glunderende commissaris Bulle Bas op. Die moet nu de clandestiene zender nu juist weer wel aanpakken om te voorkomen dat er dwerggedachten worden verspreid.

De list slaagde eenvoudig want Sickbock is volledig op de hoogte van het gebeuren in zijn studio. Hij heeft alleen maar oog voor zijn studie over reussyndromen, waarvoor hij Barribal misbruikt had. Hij zet dus nu tevreden een punt achter het werkstuk. Heer Bommel loopt naar zijn kasteel met Tom Poes en de dwerg. De dwerg vindt wel dat hijzelf reusachtige gedachten heeft hoewel hij niet groot is. Heer Bommel heeft nog een appeltje te schillen met zijn kruidenier en sommige leden van de Kleine Club. Bediende Joost biedt opnieuw zijn diensten aan onder het motto dat er voor hem geen andere reuzen bestaan dan heren. Hij bereidt vervolgens een maaltijd voor het drietal. Na de maaltijd gaat de dwerg terug naar zijn grot, maar hij staat nog steeds achter zijn teksten: “Rechtvaardiger wetten, Strengere straffen , Eenvoudige ronde taal en geen onzin, Weg met de zedeloosheid.”

Wammes Waggel brengt Barribal weer terug naar zijn grot in zijn voetsporenmachine. Hij heeft zijn ontslag gekregen van de professor als ‘imaasjebouwer’ maar hij mag zijn machine houden. De bergbewoners zien door de machine de grote voetsporen en weten dat de Grote Barribal terug is in zijn grot. Daar heeft Wammes Waggel het reuze naar zijn zin met de dwerg. Schaduwen en echo’s. Wammes wil een konijntje maken. Professor Sickbock legt ten slotte de laatste hand aan zijn opzienbarende wetenschappelijke studie getiteld ‘Het leidersverschijnsel als dwergensyndroom.’

Voetnoot

  1. Hij was na het vorige avontuur bezig zijn huisje te laten opknappen en had bovendien genoeg brandstof deze winter.
  2. De commissaris weet nog wel op aanwijzing van Tom Poes een taperecorder in een leeg gebouw in beslag te nemen.
  3. Een leugen. Niet alleen kijkt hij vaak bij zijn bediende Joost. In het verhaal over de Labberdaan stond er al een toestel in zijn studeerkamer.


Hoorspel

Voorganger:
De wisselschat
Bommelsaga
13 december 1965 - 19 februari 1966
Opvolger:
Het nieuwe denken