De spalt

Ga naar: navigatie, zoeken

Heer Bommel en de spalt (in boekuitgaven/spraakgebruik verkort tot De spalt, en in enkele gevallen De spalten) is een verhaal uit de Bommelsaga, geschreven en getekend door Marten Toonder. Het verhaal verscheen voor het eerst op 17 januari 1983 en liep tot 7 mei 1983[1].[2] Thema: Wapenwedloop.

Het verhaal

In de Schemervallei, gelegen vlak ten zuiden van de Nevelbergen[3], werken de Iepekrieten Smoor en Pulver hard om het magister Hocus Pas naar de zin te maken met het hakken van kalfaat. De tovenaar heeft domicilie gezocht in een middeleeuws roofridderkasteel, waarvan slechts de toren nog overeind staat. Als beloning worden ze op zekere dag ieder met een eigen lederen blaas en een spalt , een soort van koord, de wijde wereld in gestuurd om aanzien en macht te verkrijgen. De gordel Eenspalt wordt daartoe in twee afzonderlijke delen gesplitst en aan de nieuwe dragers overhandigd. De twee werknemers krijgen de opdracht het koord om hun middel te blijven dragen. Zo wordt Eenspalt Tweespalt. De lederen blazen behoeven nog afsluiting met een klam, die ze zelf moeten gaan zoeken. De opdracht is zo samen de wijde wereld in te trekken, de een naar west, de ander naar oost. Ze krijgen vrijwel onmiddellijk ruzie, er ontstaat tweespalt. Pulver wenst dat Smoor naar de zon loopt, waarop het duo met onbestemde bestemming uit elkaar gaat.

Op een morgen komt Tom Poes op een wandeling Alexander Pieps tegen. Die is lopend op weg naar zijn familie in de stad Akel, omdat er op het stadslaboratorium van de stad Rommeldam geen toekomst is. Alexander legt Tom Poes uit dat er een nieuw gemeentebestuur is in Akel met een geheel nieuw programma, zodat alles er beter zal gaan. Een holbewoner, een Velder, vangt het gesprek op en zegt niets met de twee ruziemakende steden te maken te willen hebben. Alexander Pieps is bovendien bang dat hij nog opgepakt zal kunnen worden als deserteur. Tom Poes ontdekt vervolgens de dwerg Smoor onder een hoop grote stenen, die zegt het daglicht niet te kunnen verdragen. Hij gaat ’s nachts op zoek naar een klam om tot aanzien en macht te geraken.

Op het kasteel Bommelstein is heer Bommel gezellig een kopje koffie aan het drinken met zijn buurvrouw Doddeltje. Die maakt zich wat zorgen omdat weduwe Hooinaalt niet weet wat de kasteelheer allemaal uitvoert. Nadat zijn buurvrouw is vertrokken komt ambtenaar eerste klasse Dorknoper langs om te waarschuwen voor dreigende moeilijkheden. De stad Akel maakt aanspraak op alle landerijen die buiten de stad Rommeldam liggen. Dat alles komt door de Sofpartij, die aldaar na verkiezingen aan de macht is gekomen. Terwijl heer Bommel over een tuinmuurtje van zijn kasteel leunt, komt professor Prlwytzkofsky langsgereden met zijn driewieler. Hij zit zijn assistent Alexander Pieps achterna, die ontslag genomen heeft en een dubbelknijpijzer heeft ontvreemd. Heer Bommel is niet erg onder de indruk. Wanneer Tom Poes vervolgens langs komt, krijgen de twee vrienden gelegenheid elkaar van de ontwikkelingen op de hoogte te stellen. Omdat Tom Poes ook nog geen raad weet, besluit heer Bommel burgemeester Dickerdack op te zoeken, die toch wel weer niets zal kunnen doen.

De burgemeester is in bespreking met zijn politiecommissaris Bulle Bas. Omdat de politie onderbezet is, zijn er niet veel mogelijkheden tot verdediging. Heer Bommel krijgt van de burgemeester de opdracht naar huis te gaan, omdat de overheid achter hem staat. Heer Bommel besluit om de wetenschap te raadplegen en rijdt in de Oude Schicht naar het stadslaboratorium. Aldaar vertelt een woedende professor over zijn bezoek aan Akel. Alexander Pieps is er stadsgeleerde en Akelaar geworden. Commissaris Bulle Bas komt per politiemotor meedelen dat de stad Stuipendrecht onwettig is ingelijfd door de stad Akel. De professor krijgt de opdracht met spoed een verdedigingswapen te ontwikkelen. De professor komt in eerste instantie niet verder dan de uitroep: “Vrdamski njet paraatheid. Praw.” Heer Bommel is nu redelijk gerustgesteld maar Tom Poes wijst hem op een dwerg, die het daglicht niet kan verdragen. Die waarschuwing is niet echt aan zijn vriend besteed, want op zijn wandeltocht naar huis neemt hij dwerg Smoor mee naar zijn kasteel Bommelstein. Zowel zijn buurvrouw als de markies de Canteclaer komen hem thuis waarschuwen en steun zoeken voor de strijd tegen de stad Akel. Het nabijgelegen zelfstandige Stuipendrecht is immers al geannexeerd. Heer Bommel begrijpt nu dat het op aanzien en macht aankomt en hij brengt zijn logé Smoor naar het stadslaboratorium. Smoor is verheugd daar een klam te ontwaren, zodat hij verder kan met zijn wapen. Op dat moment ontploft het defensiepoeder van de professor, het is het aloude buskruit, dat opnieuw is uitgevonden.

Dwerg Smoor gaat nu buiten aan de slag. Wortelachtige uitsteeksels hechten zich in de grond, de blaas gaat erover en de klam sluit de blaas af. Met zijn lederen blaas onttrekt Smoor gassen uit de bodem en met zijn spalt verwarmt hij het leder, zodat een enorme ballon ontstaat. Het ding geeft aanzien en macht. De dwerg houdt zich onder een kistje bij de ballon verborgen voor het daglicht en waarschuwt voor zijn broer Pulver, die naar het oosten is gegaan. Tom Poes besluit op onderzoek naar de stad Akel te gaan, maar stuit na enige uren lopen op een legioen van Velders, die niets van de twee ruziemakende steden Rommeldam en Akel moeten hebben. Op zijn lange wandeltocht krijgt Tom Poes een onverwachte lift. Kruidenier Garmt Grootgrut blijkt nog handel met de stad Akel te drijven om zo zijn omzetbelasting te kunnen betalen. Hij weigert zijn stadgenoot mee te nemen, maar Tom Poes springt door een openstaande achterdeur[4] naar binnen. Bij controle aan de stadspoort van Akel missen de twee strenge poortwachters de verstekeling. Even later raakt hij in gesprek met de dwerg Pulver. Als het duo wordt betrapt maakt de dwerg zich onzichtbaar onder zijn muts, waardoor Tom Poes eveneens in de verwarring aan de stadswacht kan ontsnappen. Pulver zoekt nog een klam, waardoor Tom Poes bang is dat hij in de stad Alexander Pieps zal gaan ontmoeten.

De volgende ochtend ontdekt heer Bommel dat de natuur aan het verkommeren is en dat is niet slechts het gevolg van de winter. Richting het stadslaboratorium wordt de natuur nog troostelozer. Professor Prlwytzkofsky wijst heer Bommel op de enorm gegroeide ballon. Hij meent dat het ding aanzien geeft en de professor wijst op de macht want als hij klapt, gaat alles plat. Hij vindt het een “doller wapen”.

Bij de Oosterpoort is brigadier Snuf in gesprek met journalist Argus, die meer wil weten over een geheim wapen bij het stadslab. Commissaris Bulle Bas verbiedt het lekken naar de pers van defensiegeheimen, maar op dat moment rijdt heer Bommel in de Oude Schicht de stad binnen. De kasteelheer legt omstandig zijn aandeel in het nieuwe wapen uit, waarop de twee politiemannen besluiten naar het stadslaboratorium te rijden om het te gaan beschermen. De drie voertuigen van politie, heer Bommel en de pers worden vervolgens door een ongekende ontploffing de lucht in geblazen. Professor Prlwytzkofsky had namelijk besloten de klam te verwijderen, omdat hij eerst de formule van het ballonfenomeen wenste te kennen, voordat er een proef mee werd genomen op zijn terrein. Tom Poes komt juist terug uit Akel en hoort van de dwerg Smoor dat zijn klam weg is. De professor loopt enthousiast rond met zijn dubbelknijpijzer, dat een geweldig wapen in bedwang hield. Heer Bommel legt de verbaasde journalist uit dat de stad Rommeldam een sterk verdedigingswapen in handen heeft met deze plofballon. Tom Poes zegt: “Hm”.

De andere dag kan Anne Marie Doddel in de krant lezen dat Rommeldam door de uitvinding onneembaar was geworden. Heer Bommel laat zich persoonlijk bij een proefontploffing over de hei blazen. Ook de burgemeester en bediende Joost vernemen het nieuws met instemming. Per telefoon krijgt heer Bommel van de burgemeester te horen dat hij tot ereburger zal worden benoemd. Tom Poes krijgt intussen van de professor te horen dat de ballon nog steeds zeer onwetenschappelijk is. Smoor verwarmt ’s nachts de ballon met zijn spalt. Zelf zit de professor voor een tijdelijk houten schuurtje als noodgebouw. Tom Poes wordt steeds ongeruster. De techniek van spalt, ballon en klam zou ook in Akel kunnen worden ontwikkeld. Hij besluit op de oostertoren van slot Bommelstein te klimmen. Heer Bommel komt ook boven naar het oosten kijken. Tom Poes wijst hem op een rond verschijnsel in het oosten. Ook Akel heeft DE BALLON. En als zij daar stom zijn laten ze hem blazen!

Burgemeester Dickerdack heeft intussen een dreigbrief uit Akel gekregen. Ook de landelijke bevolking is verontrust omdat de ballon van de stad Rommeldam alle kracht uit de grond zuigt. Markies de Canteclaer komt binnenlopen en eist meer ballonnen aan de kant van Rommeldam. Terloops beschuldigt hij heer Bommel de vinding aan de vijand te hebben verkocht. Heer Bommel komt binnen en legt bedremmeld uit dat er maar één buideltje en één spalt bij de dwerg Smoor was. Commissaris Bulle Bas heeft een beter idee. Brigadier Snuf is een scherpschutter met pijl-en-boog en is bereid in een ouderwetse luchtballon naar Akel te vliegen en de plofballon lek te schieten. Burgemeester Dickerdack wordt enthousiast en zegt een kogelvrije mand toe gecombineerd met het oude museumexemplaar, “De Luna”. Heer Bommel komt op weg naar huis in de herstelde Oude Schicht in een protestmanifestatie van de Velders. Die willen vrede of ze zullen alles wegblazen! Heer Bommel hoopt nu dat Tom Poes toch echt een list gaat verzinnen.

Tom Poes komt ondertussen professor Prlwytzkofsky tegen, die opdracht heeft gekregen om een ouderwetse luchtballon reisklaar te maken. Hij is daar eigenlijk wel blij mee, maar Tom Poes vraagt hem nadrukkelijk om de rare ballon met tentakels bij zijn laboratorium, die de omgeving leegzuigt, te saboteren. Maar daar begint de hoogleraar geen tweede keer aan. Tom Poes probeert vervolgens zelf de tentakels los te snijden maar wordt door een steen op het achterhoofd getroffen, die werd geworpen door de dwerg Smoor. Laatstgenoemde legt hem uit dat hij ’s nachts de ballon warm maakt zodat de ballon groeit. Dat geeft macht en aanzien. Smoor vertelt dat de grote meester de twee dwergen allebei een spalt heeft gegeven en via de spalt ook instructies doorgeeft. De grote meester woont in het noorden in de Zwarte bergen. Onder dreiging met een mes pakt Tom Poes de spalt af en rent weg[5]. Dat de ballon nu gaat krimpen, maakt het gevaar minder erg. Tom Poes besluit bij zichzelf de spalt van Pulver in Akel ook te gaan halen. Hij komt heer Bommel in de Oude Schicht tegen, die zich vooral het lot van Akel aantrekt. Door de pijl van de boog van brigadier Snuf zal de ballon van Akel worden getroffen en de stad geheel worden weggeblazen. Heer Bommel stelt dat het niet aangaat een stad weg te blazen, ook al wonen daar Akelaars. Tom Poes stelt voor de volgende dag de Rommeldamse luchtballon te gaan bemachtigen, die naar Akel zal vertrekken. Heer Bommel neemt de dwerg Smoor weer mee naar zijn kasteel, omdat hij klaagt dat hij het koud heeft[6]. Bediende Joost moppert aldaar over het verpieterde eten en de over de kou klagende dwerg Smoor. Hij brengt opgewarmd eten en hout voor de open haard, de rest moet Smoor zelf maar halen uit de houtopslag. Aldus geschiedde, maar Smoor kreeg het er niet echt warm van in tegenstelling tot de voorjaarsbloemen, die in een vaas staan te verpieteren.

De andere ochtend moppert bediende Joost na over een verdwenen dwerg en neergeslagen roet en de opgestookte houtvoorraad. Hij fleurt wat op van de ballonvaart van heer Bommel en Tom Poes naar Akel, maar raakt ontstemd als hij hoort dat zijn werkgever de stad Akel van de ondergang wil gaan redden. Op het stadhuis vertelt burgemeester Dickerdack aan ambtenaar Dorknoper dat morgen op de heide tussen Rommeldam en Akel een ontmoeting is gepland tussen de beide burgemeesters. Dat is nadat de luchtballon Luna met brigadier Snuf naar Akel is gewaaid met de voorspelde westenwind en de politiefunctionaris zijn pijl op de Akelse zwelballon heeft afgeschoten. De stad Akel zal zijn weggevaagd en omdat regeren vooruitzien is dient de conferentietent op de heide alvast te worden opgericht.

Bij het luchtvaartmuseum heeft de professor de luchtballon met een metalen schuitje luchtklaar gemaakt. Heer Bommel en Tom Poes luisteren naar de mondelinge instructies van brigadier Snuf. Tom Poes geeft heer Bommel andere instructies en de twee vrienden kapen met succes de gemeentelijke ballon voor de ogen van de verbaasde professor Prlwytzkofsky. Boven de stad Akel laat Tom Poes zich uit de luchtballon zakken langs de randen van de zwelballon. Onder het toeziend oog van stadsgeleerde Alexander Pieps is dwerg Pulver bezig de ballon te verwarmen. Tom Poes landt boven op de dwerg en pakt met zijn klauwen ook deze spalt af. Heer Bommel slaagt er echter net niet in om zijn vriend, hangend aan de spalt, binnenboord te trekken, omdat de luchtballon door het eerdere verlies van het gewicht van Tom Poes weer omhoog trekt. Tom Poes slaat bewusteloos op de grond van Akel. Heer Bommel heeft nu één spalt in zijn hand en één spalt onder zijn voeten. Alexander Pieps haalt een bunsenbrander om het wapen warm te houden, zodat het kan blijven zwellen. De ballon kan zo weer groeien, maar Pulver mist zijn spalt en daarmee zijn instructies. Alexander vindt het wel een gevaarlijk werk, omdat de televisie in Akel het ongeluk in Rommeldam had laten zien. De opzichter van de stad Akel is wel tevreden. Hij vindt de spalt bijgeloof en daar houden ze in Akel niet van.

Heer Bommel is intussen door de draaiende wind boven op de groeiende ballon van Akel beland. Hij heeft wel problemen met de twee spalt-touwen, die hitte afgeven. Als hij bijgelovig was, zou hij nog gaan denken dat de zaak betoverd was. Hij probeert Tom Poes omhoog te trekken na een stevige knoop te hebben gelegd in de twee spalt-koorden. De grote verdedigingsballon van Akel vliegt in brand en Alexander Pieps heeft voor zichzelf vastgesteld dat er brandbare gassen in de ballon zitten. De achtergebleven professor in Rommeldam heeft dat nog niet ontdekt. Alexander Pieps wordt door de opzichter hierop opgepakt als saboteur. Dwerg Pulver maakt zich weer onzichtbaar en Tom Poes ontsnapt uit de stad door de poortwachters naar de brandende balg te sturen om te blussen.

Heer Bommel heeft inmiddels weer het luchtruim gekozen en heeft last van de heter wordende tweespalt[7]. Hij herinnert zich een ventielklep, die Tom Poes hem had aangewezen, en trekt aan het koord om te kunnen dalen. Tom Poes is op de grond beland bij de grote overlegtent op de heide. De Velders leggen uit dat de burgemeesters van Akel en Rommeldam daar gaan overleggen wie het sterkste is. De Velders willen de overlegtent gelijk maken met de verzuurde grond. Terwijl de ambtsdragers van de twee steden elkaar bedreigen, komt Tom Poes opgewekt de tent binnenlopen. De balg van Akel is verbrand en Alexander Pieps is gearresteerd. De voorganger van Akel wil nu zijn pantserwagen inzetten en gijzelaars nemen, maar een grote overmacht van Velders heeft de pantserwagen omsingeld.

Na lang overleg met zichzelf en zijn schoolbord heeft professor Prlwytzkofsky uitgerekend dat hij de gassen in de ballon kan afkoelen tot vloeistof en daarna makkelijker kan analyseren. Heer Bommel is echter in noordelijke richting afgedreven en komt in de buurt van de Schemervallei. Aldaar ziet magister Hocus Pas in zijn glazen bol dat er problemen zijn. Een buideltje is verbrand en het andere groeit niet goed genoeg. Op dat moment komt heer Bommel als luchtbreukeling zijn overpeinzingen verstoren. De twee herkennen elkaar onmiddellijk. De tovenaar ziet tot zijn ontzetting dat tweespalt weer eenspalt is geworden. Hij vliegt als grote kraai wederom een verhaal uit. Professor Prlwytzkofsky is er intussen in geslaagd de gassen in de ballon tot vloeistof af te koelen, onder het toeziend oog van reserveagent Deler. Het nieuws komt per transistorradio ambtenaar eerste klasse Dorknoper ter ore. Burgemeester Dickerdack stelt nu zijn ambtgenoot voor de besprekingen op de Kleine Club voort te zetten. De betogende Velders laten hen vertrekken, omdat de vernietigingswapens zijn opgeruimd. Tom Poes lift mee op het reservewiel. De twee ambtsdragers leggen zich op voorstel van ambtenaar Dorknoper neer bij het edict van Ramtrecht uit 1234, dat de betrekkingen tussen de twee steden regelt. Op de valreep vraagt Tom Poes nog met succes aandacht voor de positie van Alexander Pieps.

Op het bordes van kasteel Bommelstein bespreken bediende Joost en Anne Marie Doddel de politieke ontwikkelingen. Rommeldam is er wel goed afgekomen, maar heer Bommel wordt nog vermist. Ook Tom Poes vraagt nu aan commissaris Bulle Bas waar zijn vriend kan uithangen. Maar vlak bij huis komt hij zijn voortstrompelende vriend[8] tegen, die hem vertelt dat hij de tweespalt in een afgrond heeft gegooid. Tom Poes praat hem op zijn beurt bij over de politieke ontwikkelingen. Alexander Pieps komt bij zijn terugkeer langs zijn in de buitenlucht onderzoek plegende chef. Ook zij praten elkaar bij en Alexander Pieps vertelt dat het gas brandbaar was. Professor Prlwytzkofsky heeft kunnen vaststellen dat de gassen in de ballon de bodem hadden verzuurd. Alexander Pieps geeft hem de klammerhaak terug en vertelt dat hij in Akel gevangen heeft gezeten. Ze besluiten de vloeistof uit de ballon in flessen op te slaan en wachten op een nieuw laboratorium. In het noorden zijn de dwergen Pulver en Smoor weer verdergegaan met het steenhouwen, wachtend op een nieuwe afnemer van kalfaat.

Heer Bommel trakteert een poosje later op een eenvoudige doch besloten voedzame maaltijd. Te gast zijn slechts de twee geleerden, de burgemeester, zijn buurvrouw en Tom Poes. De gastheer spreekt over listen van Tom Poes en hemzelf en twee onschadelijk gemaakte ballonnen, waarvan de professor er een wetenschappelijk claimt. Heer Bommel ziet af van het ereburgerschap, maar stelt graag geld beschikbaar om een laboratorium te stichten. Dit laboratorium wordt aan de stad geschonken met als opdracht de grond te zuiveren. Hij stelt voor te drinken op dit Bommellab. Doddeltje zuchtte afsluitend: “Wat ben je toch knap, Ollie”.

Voetnoot

  1. De spalt verscheen in de periode waarin de wapenwedloop tussen de USA en de USSR een hoogtepunt bereikte en waartegen vredesdemonstraties werden georganiseerd. In het verhaal wordt de wedloop tussen Rommeldam en Akel beschreven . “Hoe korter de raketten, hoe doder de Duitsers”, wordt in dit verhaal vormgegeven door de fel protesterende Velders, die tussen de beide steden wonen.
  2. Op de website http://kranten.kb.nl zijn alle afleveringen terug te vinden. Zoek onder historische kranten naar: ' Heer Bommel en de spalt ' pdf-formaat geeft het beste resultaat.
  3. Het noordelijk deel van de Zwarte Bergen, gelegen 90 km ten noordoosten van de stad Rommeldam.
  4. De driewieler van de kruidenier wordt wel wat gammel tot vreugde van Tom Poes.
  5. Plaatje 01295 toont een zeldzaam moment van een gewelddadige Tom Poes.
  6. In de Volledige Werken verwerpt Marten Toonder plaatje 01298, waarin de rit naar het kasteel wordt geregeld.
  7. Zijn goede vader zei altijd: “Tweespalt verhit”.
  8. Hij heeft circa 100km te voet afgelegd.
Voorganger:
De antiloog
Bommelsaga
17 januari 1983 - 7 mei 1983
Opvolger:
Heer Ollie en een Bommelding