Frans

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Frans
Gesproken in  Frankrijk
 België (Franse Gemeenschap)
 Luxemburg
 Zwitserland (groot deel)
Quebec
 Haïti (groot deel)
Afrika (groot deel)
Zuidoost-Azië (groot deel)
Franse koloniën
Sprekers 115 miljoen (moedertaalsprekers)
85 miljoen (tweede taal) [1]
Rang 14 (moedertaal), 5 (totaal) [bron?]
Taalfamilie Indo-Europees
Dialecten Zwitsers-Frans
Québécois
etc.
Creoolse talen Haïti-Creools (Kreyòl Ayisyen)
  • Lanc-Patuá
  • Seychellois
  • Louisiana-Creools (Kreyol Lwiziyen)
  • etc.
Alfabet Latijns
Officiële status
Officieel in  Frankrijk
 België
 Benin
 Burkina Faso
 Burundi
 Canada
 Centraal-Afrikaanse Republiek
 Comoren
 Congo-Brazzaville
 Congo-Kinshasa
 Djibouti
 Equatoriaal-Guinea
 Gabon
 Guernsey
 Guinee
 Ivoorkust
 Haïti
 Jersey
 Kameroen
 Luxemburg
 Madagaskar
 Mali
 Mauritanië
 Monaco
 Niger
 Senegal
 Seychellen
 Tsjaad
 Togo
 Vanuatu
 Zwitserland
 Guadeloupe
 Martinique
 Frans-Guyana
 Réunion
 Mayotte
 Frans-Polynesië
 Wallis en Futuna
 Saint-Pierre en Miquelon
 Sint-Maarten
 Nieuw-Caledonië
 Italië (Valle d'Aosta)
Afrikaanse Unie
 Europese Unie
 Verenigde Naties
Benelux
Taalorganisatie Académie française (Frankrijk) Déléguation générale à la langue française et aux langues de France (Frankrijk)Office québécois de la langue française (Quebec) Service de la langue française (België)

Organisation internationale de la Francophonie (Wereld)

Taalcodes
ISO 639-1 fr
ISO 639-2 fre/fra
ISO 639-3 fra
Portaal    Taal
Frans
Het Frans in de Wereld

██ Moedertaal

██ Bestuurlijke taal

██ Cultuurtaal

██ Minderheden

Het Frans behoort tot de Romaanse talen, omdat het uit het Latijn is voortgekomen. Het Frans wijkt echter op een groot aantal punten van de andere Romaanse talen af. Ten eerste kent het Frans een verregaande afslijting van morfologische uitgangen. Ten tweede heeft het Frans een groot aantal brekingen en klankverschuivingen, die al in het Oudfrans optraden en in het Middelfrans nog verder zijn geëvolueerd. Ten derde heeft het een licht Keltisch substraat (terug te vinden in een woord als quatre-vingts, "tachtig", letterlijk "vier-twintigen"; in de Keltische talen telt men in twintigtallen) en een vrij ingrijpend Germaans, vooral Frankisch, superstraat, dat zich onder meer uit in de tweeledige ontkenningen ne ... pas, ne ... rien, ne ... personne, ne ... jamais enz.

Plaatsbepaling en indeling

Het Nieuwfrans is de gecultiveerde versie van het Francilien, de streektaal van de Île-de-France. Dit behoort tot de Oïl-groep van de Gallo-Romaanse talen. Hoewel het standaardfrans de streektalen van Frankrijk grotendeels verdrongen heeft, onderscheidt men nog altijd een aantal meer of minder verwante zustertalen van het Frans. Het overzicht laat zich als volgt samenstellen:

In Frankrijk worden de meeste van deze talen traditioneel beschouwd als dialecten, dat wil zeggen als minderwaardig en wordt het gebruik ervan ontmoedigd. In de laatste jaren is de houding tegenover deze talen evenwel duidelijk versoepeld.

Verbreiding

Het Frans wordt gesproken door ongeveer 75 miljoen mensen als hun moedertaal[2]. Het komt daarmee op de 14e plaats in de wereld [3]. Het wordt gesproken door 63 miljoen mensen in Frankrijk, 7,7 miljoen mensen in Canada (voornamelijk in Quebec), 4,2 miljoen in België (voornamelijk in Wallonië en Brussel) en 1,8 miljoen in Zwitserland. Het Cajun-Frans in Louisiana gaat snel achteruit; het werd in 2000 door minder dan 200.000 mensen gesproken. Het Frans heeft in Maastricht lange tijd tot in de 18e eeuw een belangrijke plaats ingenomen in het bestuurlijke en hoge burgerlijk leven.[4] In het lokale dialect Maastrichts zijn nog Franse invloeden hoorbaar.

Als taal van de bestuurlijke elite is het Frans vanaf 1066 in Engeland eeuwenlang een factor van belang geweest en heeft blijvende sporen nagelaten in het oorspronkelijk Angelsaksische Engels. Pas in 1258 werd er in Engeland voor het eerst weer een officieel document in het Engels opgesteld. Het Anglo-Normandisch was tot in de 15e eeuw in gebruik voor literaire en bestuurlijke doeleinden. Ook nu wordt het Anglo-Normandisch nog incidenteel gebruikt, de Britse koningin laat met de woorden "La Reyne remercie ses bons sujets, accepte leur benevolence, et ainsi le veult" aan het parlement weten een wet goed te hebben gekeurd.[5] In Rusland, Spanje, Duitsland en elders is het Frans in de 17e eeuw in zwang gekomen als taal van de sociale elite, maar sinds de opkomst van het nationalisme in Europa in de 19e eeuw is het door de landelijke voertalen weer verdrongen. Het wordt als erfenis van het Franse kolonialisme buiten Frankrijk nog door zeker 50 miljoen mensen als tweede taal gebruikt. Vooral in Afrika en in mindere mate in Zuidoost-Azië speelt de taal een grote rol als cultuurtaal, hetzij omdat het Frans onmisbaar is als neutrale factor, die nodig is te midden van een verscheidenheid aan rivaliserende inheemse talen, hetzij dat de inheemse talen nog geen schriftelijke erfenis hadden en daarom te zwak stonden om de rol van het Frans als volwaardig medium voor cultuur en bestuur te kunnen overnemen. De taal speelt daarmee dezelfde rol als het Latijn tijdens en na de Romeinse kolonisatie van Gallië en andere Europese delen van het voormalige Romeinse Rijk. In veel Afrikaanse landen is het Frans de enige officiële taal.

Het Frans wordt in vijfenveertig landen en gebieden gesproken. In minimaal zes van die gebieden (Frankrijk, Frans-Polynesië, Monaco, Nieuw-Caledonië, Quebec en Saint-Pierre en Miquelon) is dit zelfs de meest gesproken taal. Daarnaast is het een belangrijke immigrantentaal in elf andere landen.

Frans is nog steeds, ondanks de opkomst van het Engels, een belangrijke taal in het diplomatieke verkeer. Tot in de eerste helft van de 20e eeuw was het de belangrijkste internationale taal. Zo schreef de Nederlandse natuurkundige Hendrik Lorentz nogal wat Franstalige publicaties en gebruikt men nog steeds Franse termen in de posterijen. De taal is nog altijd een van de officiële talen van de Verenigde Naties. Ook in de Europese Unie speelt het een belangrijke rol, al gaat die relatief achteruit wegens de recente uitbreiding van de Unie. Als taal voor wetenschappelijke publicaties van transnationaal belang is het Frans vrijwel geheel verdrongen door het Engels.

Verbreiding in Afrika

Geschiedenis

De oudste Franstalige geschriften dateren uit de 9e eeuw. Het oudste document in het Frans is de Eed van Straatsburg, die blijkbaar door het gewone volk begrepen moest worden. Vanaf de 12e eeuw kan van een literaire cultuur gesproken worden. De meeste Franse teksten tot aan de 14e eeuw zijn gesteld in zuidelijke dialecten, het Occitaans ofwel de Langue d'Oc. In het Edict van Villers-Cotterêts, dat in 1539 is opgesteld, werd het Frans als verplichte taal voor het bestuur ingesteld. Dit werkte in het voordeel van de Langue d'Oïl, de noordelijke variant van het Frans, want het noordelijke Parijs was toen al zo'n duizend jaar het nationale bestuurscentrum. In die tijd werd ook een begin gemaakt met het formaliseren van de grammatica en het samenstellen van woordenboeken.
In 1635 werd de Académie française opgericht. Daarmee werd het standaardiseren van de Franse taal een staatszaak. De 'Gouden Eeuw' van het Frans was de 17e eeuw, vooral door de literaire werken van Corneille, Racine en Molière. In de 18e eeuw maakte het Latijn in wetenschappelijke publicaties steeds meer plaats voor het Frans, wat de helderheid en precisie van de taal zelf ten goede kwam. Men deelt de historische ontwikkelingsfasen van het Frans als volgt in:

De moderne Franse spelling stamt, net als de Engelse, grotendeels uit het einde van de Middeleeuwen; omdat de uitspraak sindsdien is veranderd, is de schrijfwijze tegenwoordig verre van fonetisch. Ze vertelt ons dan ook meer over de situatie in de Middeleeuwen, toen alle eindletters nog werden uitgesproken (filles klonk dus zoals het geschreven werd), de ai en de oi nog wijde tweeklanken waren en de ou meer als oow klonk (evenals de Middelnederlandse oe in boec!).

Vervoegingen

Het Frans kent, zoals alle Romaanse talen, meer werkwoordstijden, niet alleen in de grammaticale regels, maar ook in de praktijk dan het Nederlands, terwijl hulpwerkwoorden minder gebruikt worden. De passé simple is geheel onbekend in het Nederlands, de subjonctif (aanvoegende wijs) wordt in de praktijk in het Nederlands nauwelijks gebruikt. Er zijn dus veel meer persoonsvormen, waarvan de onregelmatige verbuigingen een zekere beruchtheid hebben bij het onderwijs in het Frans als vreemde taal. Ook het bestaan van vier verschillende families regelmatige werkwoorden (eindigend op -er, -ir, oir en -re) is een extra complicatie ten opzichte van bijvoorbeeld Nederlands, Engels en Duits. Hieronder staan de vervoegingen van de belangrijke onregelmatige werkwoorden être (zijn) en avoir (hebben) voor vier tijden.

Infinitief 1e persoon 2e persoon 3e persoon 1e persoon 2e persoon 3e persoon
tegenwoordige tijd (présent)
être je suis tu es il/elle/on est nous sommes vous êtes ils/elles sont
avoir j'ai tu as il/elle/on a nous avons vous avez ils/elles ont
verleden tijd (imparfait)
être j'étais tu étais il/elle/on était nous étions vous étiez ils/elles étaient
avoir j'avais tu avais il/elle/on avait nous avions vous aviez ils/elles avaient
toekomende tijd (futur simple)
être je serai tu seras il/elle/on sera nous serons vous serez ils/elles seront
avoir j'aurai tu auras il/elle/on aura nous aurons vous aurez ils/elles auront
voltooid tegenwoordige tijd (passé composé)
être j'ai été tu as été il/elle/on a été nous avons été vous avez été ils/elles ont été
avoir j'ai eu tu as eu il/elle/on a eu nous avons eu vous avez eu ils/elles ont eu

Woordvolgorde

Van begin tot eind van de zin:

  • Onderwerp
  • Ontkenning deel I (ne ... pas)
  • Wederkerend voornaamwoord
  • Meewerkend voorwerp: me, te, nous, vous en se
  • Lijdend voorwerp
  • Meewerkend voorwerp: lui, leur
  • y en/of en
  • Persoonsvorm
  • Ontkenning deel II (ne... pas, rien, personne, jamais etc.)
  • Infinitief
  • Voltooid deelwoord

Klemtoon

De klemtoon in het Frans is eenvoudig: deze ligt altijd op de laatste lettergreep, behalve als het woord op een sjwa eindigt, dan ligt hij op de voorlaatste.

Scholen

In Nederland is Frans geen verplicht vak op school. Afhankelijk van de school is er soms, naast het verplichte Engels, een tweede moderne vreemde taal verplicht. Dit kan, afhankelijk van de keuze van de school, Frans zijn.

In Vlaanderen is Frans op de lagere school altijd een verplicht vak in het vijfde en zesde leerjaar. Het staat de scholen vrij om al eerder met (initiatie) Frans te beginnen. Voor scholen in taalgrensgemeenten, faciliteitengemeenten en Vlaamse scholen in het Brussels gewest start de studie van het Frans minstens vanaf het derde leerjaar. In het secundair onderwijs is het een verplicht vak, behalve in sommige richtingen van het beroepssecundair onderwijs.

Zie ook

Zie de van Wikipedia.
Zoek Frans op in het WikiWoordenboek.
Wikibooks heeft meer over dit onderwerp: Cursus Frans (in opbouw).