Het einde van eindeloos

Ga naar: navigatie, zoeken
Het einde van eindeloos
Stripreeks Bommelsaga
Volgnummer 177
Scenario Marten Toonder
Tekeningen Marten Toonder
Type Hardcover
Eerste druk 1988
Uitgever De Bezige Bij (1988, 1996)
Panda (2001)
Lijst van verhalen van Heer Bommel en Tom Poes
Portaal    Strip

Heer Bommel en het einde van eindeloos (in boekuitgaven/spraakgebruik verkort tot Het einde van eindeloos) is het 177e en tevens laatste verhaal uit de Bommelsaga, geschreven en getekend door Marten Toonder. Het verhaal verscheen na een voorbereiding van ruim een half jaar voor het eerst op 3 oktober 1985 in NRC Handelsblad en liep tot 20 januari 1986.[1]

In de periode van 13 december 1997 tot 1 april 1998 publiceerde de krant de strip nogmaals.[2] De afleveringen dragen de nummers 01678-01768.

Centraal thema is "het einde van deze geschiedschrijving".

Boekuitgaven

De strip verscheen, samen met Het Bommel-verschiet, onder de naam Als dat maar goed gaat bij De Bezige Bij (Amsterdam, 1988). In 1996 gaf De Bezige Bij Als dat maar goed gaat opnieuw uit, nu als ‘Dubbele Bommelpocket’ in één band met Ik voel dat heel fijn aan.

De strip staat ook (tezamen met De vergelder en Het Bommel-verschiet) in band 40 van Heer Bommel - Volledige Werken - De dagbladpublicaties, uitgegeven bij Panda ('s-Gravenhage, 2001).

In de reeks heruitgaven in oblongformaat, die De Bezige Bij in samenwerking met NRC Handelsblad sinds 2008 uitbrengt, is Het einde van eindeloos gepland als zestigste en laatste deel. Het boek gaat (weer) Als dat maar goed gaat heten en Het einde van eindeloos wordt opnieuw gecombineerd met Het Bommel-verschiet. De uitgave is aangekondigd voor 2018.

Het verhaal

Rommeldam is in rep en roer, want de gemeenteraad heeft besloten om de nieuwe woonwijk Buitenrommel te laten aanleggen op het terrein van het buiten van markies de Canteclaer, Bommelstein en de huisjes van Tom Poes en Doddeltje. Dit tot grote schrik en woede van de bewoners. Daarnaast krijgt heer Ollie bezoek van een tweetal zwervers, van wie de vrouw een waarzegster is. De nieuwsgierige heer reageert zodanig op de voorspelling dat de toevallig passerende Doddeltje er het hare van denkt.

Terwijl Tom Poes in de stadsbibliotheek een belangrijk document over het ontstaan van Bommelstein vindt, besluit heer Ollie, zich door de gebeurtenissen geheel verlaten voelend, de voorspelling van de zwerfster te volgen en een ver land te gaan zoeken. Op de heide ontmoet hij een zonderling, die hem met zijn dochter, de vogel Ima, naar Parnas stuurt.[3] Joost en Tom Poes besluiten de dwalende heer te achtervolgen, maar heer Ollie zit met Ima inmiddels in een vreemde gondel die hem naar een onbekend oord brengt. Hoewel Tom Poes wil volhouden, mislukt de achtervolging, ondanks de inlichtingen van Wal Rus, die de gondel langs de Albatros heeft zien varen en daarbij op een zandbank is geraakt.

Intussen is er in Rommeldam beroering ontstaan over de verdwijning van heer Ollie en wel naar aanleiding van een brief waarin Tom Poes schrijft over zijn vondst. Bulle Bas wordt opgeroepen om er alles aan te doen de verdwenen heer op te sporen en ook Steenbreek in zijn rol als uitvoerder van het project Buitenrommel stuurt een helikopter. Ook Joost en Tom Poes doen een tweede poging Heer Bommel op te sporen. Daarbij blijkt dat de Woeste Gronden, waar heer Ollie verdwaald moet zijn, grenzen aan het Donkere Bomen Bos.

Het lukt Tom Poes met informatie van Pee Pastinakel om in het gebied door te dringen en heer Ollie te vinden. Hij verjaagt vervolgens Ima en besluit tegen de stroming in terug te gaan varen. De gondel komt nu op een meer terecht en daar worden ze gevonden door een politiehelikopter met brigadier Snuf.

Terug in Rommeldam krijgt heer Ollie te horen van de heerlijke en onaantastbare rechten op de Drakenborg – het slot dat nu Bommelstein[4] is – vastgelegd in het Vorstelijk Statuut van 1132. De rechten, die gelden voor het gebouw en de aanpalende gebieden, bestaan nog steeds, omdat men, zoals ambtenaar Dorknoper stelt, vergeten is ze af te schaffen.

Het project van Steenbreek is nu ten dode opgeschreven. Heer Ollie kan niet wachten om Doddeltje te vertellen wat er gebeurd is en vraagt haar en passant ten huwelijk.

Dit huwelijk van heer Bommel en Anne Marie Doddel wordt door ambtenaar eerste klasse Dorknoper eenvoudig op het stadhuis voltrokken.[5] Maar heer Bommel staat op een feestmaaltijd, waar Joost dagenlang werk aan heeft. Burgemeester Dickerdack is de kasteelheer deze keer wel bijzonder dankbaar voor zijn ingrijpen. Rommeldam zal zo blijven zoals het was, ook al verandert de wereld eromheen op onherkenbare wijze. De markies heft zijn glas en hem schiet dan ook spontaan een gedicht te binnen.

Straks gaan de dagen weder lengen
En knoppen bersten juichend in mijn gaard’
Laat ons dan een dronk uitbrengen
Op hem die ’t erf der vaad’ren trouw bewaart!

Heer Bommel bedankt hierop de aanwezigen en vooral Tom Poes, want "zonder hem zaten wij hier niet". Het was een lange reis waarop de Albatros gestrand is, zodat hij het schip heeft gekocht voor zijn huwelijksreis. Heer Bommel stelt voor een dronk op de bruid uit te brengen, die hij heeft gevonden "na een eindeloze tijd, waarvan zij het einde is".

Achtergronden

Dit is dan ook het laatste verhaal over heer Bommel. Door het Vorstelijk Statuut van 1132 blijft hij en zijn omgeving altijd bestaan. Tom Poes trekt na dit verhaal in zijn eentje verder, op zoek naar nieuwe avonturen,[6] maar, aldus Toonder, ‘daar weet ik verder niets van.’ Aan het eind van de 177 verhalen dankt de biograaf Marten Toonder zijn lezers in de allerlaatste stripstrook van het verhaal en zijn oeuvre.

Marten Toonder was 73 toen hij aan Het einde van eindeloos werkte. Gezien zijn leeftijd en de titel van het verhaal was het voor velen geen verrassing toen hij in de laatste aflevering aankondigde dat dit zijn laatste Bommelstrip was geweest. De strip vormde overigens niet het einde van zijn schrijversbestaan; Toonder begon nu aan zijn memoires. Het eerste deel, Vroeger was de aarde plat, verscheen in 1992.

Ontvangst van de strip

Er was bij veel fans van de strip wel een gevoel van teleurstelling. Zo werd in Het Vrije Volk van 22 januari 1986 opgemerkt: ‘Is er leven na Bommel? Tot en met vandaag werd ik elke ochtend gewoon wakker, en niets rechtvaardigt de veronderstelling dat dat morgen anders zal zijn. Maar de gedachte dat Heer Bommel, waar hij zich ook mag bevinden, misschien wel pantoffels draagt, is hoogst beklemmend.’[7]

Ook Folkert Jensma schreef in een terugblik op de Bommelverhalen in NRC Handelsblad van 2 april 1998, toen de herpublicatie van de strip een einde nam: ‘Maar hij was ook een knuffelbeer die iedereen kon koesteren en die zich tot iedereen gemakkelijk aangetrokken voelde. Misschien was het daarom zo makkelijk zich door Bommel te laten annexeren. En is het zo moeilijk Bommel los te laten.’[8]

Jenno Witsen zegt in zijn lezing ‘Het land van heer Bommel en Tom Poes’ (2013): ‘Toonder is een meester-verteller. Een toppunt, zo niet het toppunt van zijn vertelkunst vind ik zijn laatste verhaal, het Einde van Eindeloos. Dit is een epos over Toonders eigen zoektocht door de wereld van heer Bommel en Tom Poes.’[9]

Hoorspel

Voetnoten

  1. Op de website http://kranten.kb.nl zijn alle afleveringen terug te vinden.
  2. Het einde van eindeloos op Heerbommel.info.
  3. Oudnederlands voor Parnassus
  4. In het verhaal De drakenburcht uit 1941 wordt verteld hoe Bommel aan zijn ‘voorvaderlijk’ slot komt.
  5. Band 40 van de Volledige Werken publiceert een kleine annonce met als huwelijksdatum 18 januari 1986 en als toekomstig adres Distellaan 13 Rommeldam.
  6. Zie het allerlaatste plaatje 01768.
  7. Het Vrije Volk, 22-01-1986 op Delpher.nl.
  8. Folkert Jensma, ‘Met uw welnemen’.
  9. ‘Het land van heer Bommel en Tom Poes’.
Voorganger:
Het Bommel-verschiet
Bommelsaga
3 oktober 1985 - 20 januari 1986
Opvolger:
Geen