Het overdoen

Ga naar: navigatie, zoeken

Heer Bommel gaat het overdoen (in boekuitgaven/spraakgebruik verkort tot Het overdoen) is een verhaal uit de Bommelsaga, geschreven en getekend door Marten Toonder. Het verhaal verscheen voor het eerst op 16 december 1957 en liep tot 21 februari 1958. Thema: Gedane zaken nemen een keer.[1]

Het verhaal

Tom Poes helpt een oude grijsaard met het verzamelen van zijn in een sneeuwstorm verwaaide kalenders. Tom Poes hervindt 1741, 1841 en 1986.[2] Eentje kunnen ze niet te pakken krijgen; deze kalender, van het aflopende jaar, 1957 belandt bij toeval op slot Bommelstein. De grijsaard waarschuwt heer Ollie voor het dubbele leed dat hem zal overkomen als hij gaat proberen gebeurtenissen over te doen,[3] maar daar stoort hij zich natuurlijk niet aan. Ongebruikte kansen.

De hernieuwde confrontatie[4] op 11 maart 1957 met Bul Super levert een blauw oog en een gescheurde jas op. Maar de kasteelheer gaat door. Hij laat in zijn schuur Tom Poes een krantenartikel zien over een ongeluk op 2 juli 1957. De Oude Schicht reed in de Dalverse Bocht[5] een fruitstalletje van een fruitkoopman in de vernieling. De kasteelheer prikt 2 juli aan, rijdt vervolgens weer op de Achterdreef met zijn vriend in de Oude Schicht, past goed op in de bocht en wordt door een achteropkomende vrachtwagen[6] wederom in het fruitstalletje gesmakt.[7]

De overgedane dagen zijn bij terugkeer zwart op de kalender. In bed bedenkt Heer Ollie dat op 8 juli een gouden vaas bij een inbraak in het buiten van Markies de Canteclaer was verdwenen. Hij gaat om 2 uur 's nachts terug naar die nacht om zijn buurman te waarschuwen. De andere dag probeert Bulle Bas met de markies en de binnen gewenkte Tom Poes de inbraak te reconstrueren. Heer Bommel had gewaarschuwd voor een inbraak die een half uur later gepleegd zou worden, waarvan melding gaat worden gemaakt in de krant van de volgende avond.!? Op het kasteel maken de twee vrienden vervolgens ruzie of iets ongedaan gemaakt kan worden.

Tom Poes vindt van niet en legt zijn vriend uit dat hij zich wegens voorwetenschap en daderkennis bij de politie moet melden. De fruithandelaar meldt zich als diefstaldader op het kasteel. Dit alles wegens verlies van zijn broodwinning na de aanrijding. Hij durfde niet om schadevergoeding komen vragen, omdat de bestuurder gezegd had de aanrijding expres te hebben veroorzaakt. Bulle Bas komt ook naar het kasteel[8] en weet uit de zenuwachtige Bommel los te peuteren dat de fruitkoopman een verdachte is. Een boze Bas vertrekt in de waan dat de kasteelheer als detective met een eigen onderzoek bezig is.[9]

De fruitkoopman vertelt dat hij een gouden vaas heeft gestolen, die hij op een onbekende plaats heeft verborgen. Hierop besluit Heer Ollie op 9 juli 1957 's ochtends vroeg op onderzoek uit te gaan. Waarnemen, niets doen deze keer! Hij ziet, zelf weer gadegeslagen door Bulle Bas, de fruitkoopman de vaas in een holle boom achterlaten. Terug op Bommelstein is weer een dag zwart geworden op de kalender. Maar de fruitkoopman kan zich de diefstal weer herinneren en 4 km verderop Bulle Bas ook. De fruitkoopman wordt tijdens het verdere verloop van de operatie "Het overdoen" verborgen op een zolderkamer op Bommelstein.

Samen met Tom Poes gaat de kasteelheer op onderzoek uit in het bos naar de gouden vaas, die hij door denkwerk van zijn vriend terugvindt onder bladeren in de holle boom. Bulle Bas is de twee op het spoor maar de tijdreizende heer ontsnapt naar het verleden. Hij loopt via het openstaande[10] keukenraam naar binnen in het buiten van de markies om de buitgemaakte vaas stilletjes terug te zetten. Uitglijdend over een schaaltje mayonaise valt een hele porseleinkast aan diggelen. De markies wordt wakker en gaat met lakei Johan en ruiterpistool achter de insluiper aan. Een schot in een vat port en een schot in de lichtgevende kaars geven de insluiper de kans ternauwernood door een kelderraampje buiten te geraken. Betrapt door Bulle Bas flitst de kasteelheer verder in de tijd, het raamkozijn achterlatend.

Uit woede over de mislukkingen die hem overkomen[11] komt heer Ollie, onder begeleiding van de weerkerende stem van de grijsaard "Wee, wie het overdoet!" en "Dubbele jaren, dubbele lasten!" tot inkeer.

"Als ik het kon overdoen, zou ik niets overdoen, als je begrijpt wat ik bedoel."

Tom Poes adviseert hem terug te gaan naar de dag op de kalender, waarop hij de kalender in handen kreeg en hem dan meteen aan de oude grijsaard terug te geven. Ongebruikt, zonder iets over te doen. Heer Bommel vindt dat geen oplossing omdat hij dan JUIST wel wat overdoet. "Met het afgelopen jaar bemoei ik me niet meer", waarmee hij de kalender in het haardvuur werpt. Dit strekt tot grote vreugde van de grijsaard die dit een wijze daad vindt, waarbij de zwarte bladzijden wit zijn geworden door loutering in het vuur.

Heer Bommel constateert tevreden dat hij zelf door de gebeurtenissen een gelouterd heer is geworden.[12] De volgende ochtend komen de commissaris en de markies langs, waarbij ook de fruitkoopman zich meldt. Heer Bommel stuurt hem terug naar zijn zolderkamer met de mededeling dat hij pal zal staan. De markies biecht op dat bij reparatie in zijn wijnkelder de gouden vaas is hervonden waarop Bulle Bas zuur opmerkt dat de politie is lastig gevallen door een lichtvaardige aangifte en een privédetective. Waarop Heer Bommel hen beiden heen zendt, waardoor ze de slotmaaltijd deze keer mislopen. Hij geeft ze de opbeurende woorden mee dat moeilijkheden ons louteren.

De fruitkoopman en Tom Poes krijgen te horen van Heer Bommel dat de vaas al die tijd in de kelder van de markies heeft gelegen, zodat er geen verdenking meer rust op de fruitkoopman. Dat hij de vaas heeft meegenomen telt niet want Heer Bommel heeft door "het over te doen" de diefstal ongedaan kunnen maken. Vervolgens krijgt de fruitkoopman nog een schadevergoeding betaald, omdat Heer Bommel nog een fout uit het verleden wil herstellen.

Aan het feestelijke ontbijt met Tom Poes doceert Heer Bommel dat het niet noodzakelijk is om naar het verleden terug te gaan om fouten te herstellen. Daar is het heden voor.

Voetnoot

  1. Na Het vereeuwen en De klokker wederom een experiment met de tijd(spiraal). De Atlantiër blijft buitencategorie.
  2. Tom Poes kijkt in 1957 verbaasd naar 1986, het jaar dat de strip zal eindigen met Het einde van eindeloos en Tom Poes het kasteel met de komst van Doddeltje voor altijd verlaat.
  3. "Een jaar is een punt in de spiraal van de tijd."
  4. Gewoon prikken op het kalenderblad.
  5. In de "Achterdreef" 2km ten westen van Bommelstein
  6. Vervoerbedrijf De Vlugge Jager.
  7. Heer Bommel zegt tot de fruitkoopman: "Ik heb het expres nog eens gedaan, ik wilde het overdoen, beter doen, als je begrijpt wat ik bedoel."
  8. De fruitkoopman verbergt zich in een gordijn, maar raakt zijn pet kwijt aan de ijverige politieambtenaar.
  9. Bulle Bas mompelt in zichzelf: "Dat komt door die voddige detectiveverhalen. Bommel, de grote speurder. Maar als hij gegevens achterhoudt, is hij erbij!"
  10. "Een onachtzaamheid die ik van Joost niet zou dulden."
  11. Vaas verloren, betrapt bij uitbraak.
  12. In de loop van dit verhaal ontwikkelde de kasteelheer zich inderdaad sterk en bijna geheel op eigen kracht.

Hoorspel

Voorganger:
De zwelbast
Bommelsaga
16 december 1957 - 21 februari 1958
Opvolger:
De argwaners