Het slaagsysteem

Ga naar: navigatie, zoeken

Tom Poes en het slaagsysteem (in boekuitgaven/spraakgebruik verkort tot Het slaagsysteem) is een verhaal uit is een verhaal uit de Bommelsaga, geschreven en getekend door Marten Toonder. Het verhaal verscheen voor het eerst op 9 februari 1955 en liep tot 30 april 1955. Thema: Succes.

Het verhaal

Wegens een aanval van neerslachtigheid besluit heer Bommel om naar de wintersport te gaan, vanwege de zonneschijn, vitamines en ozon. Tom Poes mag met hem mee. Ze reizen per trein naar de bergen. De twee vrienden logeren in een hotelletje gelegen een duizend meter boven het station. Op zondag de dertiende[1] is heer Bommel jarig en vanwege die bijzondere datum mag hij als wintergast een wens doen in de plaatselijke wensgrot. Tom Poes heeft er weinig vertrouwen in en bovendien komen wensen soms op een nare manier uit. Maar heer Bommel wordt steeds opgewekter en noemt zijn jonge vriend een mopperaar. In de grot aangekomen weet heer Bommel niet goed wat te wensen en hij vraagt aan Tom Poes een wens te verzinnen, die niet fout kan gaan. Na een “Hm” adviseert hij aan heer Bommel dan maar succes te wensen. Dan zal hij toch wel in alles slagen? Heer Bommel roept nu, desgevraagd door de gids, dat hij met alles wil slagen. Als bevestiging valt een stuk druipsteen onder zijn harde roepen van het plafond naar beneden. Met medeneming van het souvenir vertrekken de twee vrienden na betaling van de grotgids.

Heer Bommel heeft nu meteen genoeg van de bergstreek en de twee vrienden gaan per trein terug naar huis. Het stuk druipsteen verpakt de kasteelheer zorgvuldig in zijn koffer met het oog op zijn succes. Tom Poes beklaagt zich in de trein over de korte vakantie, maar heer Bommel is vol van zijn toekomst als een slagend heer. De treinreis wordt onderbroken door zware sneeuwval en de ongeduldige heer Bommel besluit met bagage verder te gaan lopen. Hij valt in een diepe kloof en rolt verder als een aanzwellende sneeuwbal. Tom Poes weet hem uiteindelijk met moeite uit een wak in de rivier te trekken. Heer Bommel glijdt ook nog eens uit en zet nu grote vraagtekens bij zijn ‘geslaagd heer’ zijn. Verontwaardigd werpt heer Bommel zijn successteen ver van zich af, waarmee hij een ruit vernielt van een landhuis en zo de bewoner erg boos maakt. Op het moment dat de ruzie dreigt te escaleren duikt er een vreemdeling op. Het is Simon O. Slagslager, directeur van de slaagsysteemcursussen. Hij vertelt terloops dat de bewoner van het landhuis door het slaagsysteem is opgeklommen van straatveger tot bankdirecteur. Heer Bommel en Tom Poes krijgen een lift in zijn limousine naar huis, de stad Rommeldam. Onderweg vertelt Simon dat bijgeloof funest is voor zijn slaagsysteem. Hierop gooit hij het stuk druipsteen weg onder het rijden. Het treft toevallig burgemeester Dickerdack vol op het hoofd, terwijl hij met commissaris Bulle Bas de wegberm aan het inspecteren is. Maar de geroutineerde heer Slagslager weet heer Bommel de schuld in de schoenen te schuiven en bovendien een lucratieve weddenschap met de burgemeester af te sluiten. Als hij een haspelaar als heer Bommel binnen een maand kan laten slagen, dan krijgt hij een leerstoel aan de universiteit van Rommeldam met een bijbehorende gemeentesubsidie.

Simon Slagslager zet vergenoegd de autorit naar het kasteel Bommelstein voort. Hij heeft zonet volgens de tekst uit zijn eigen boekje een nadeel in een voordeel omgebogen. Heer Bommel noemt het geniepig en Tom Poes vindt het geen goede methode. Bij het kasteel aangekomen, wordt Tom Poes door heer Slagslager de deur gewezen. Ook heer Bommel sluit zich bij deze zienswijze aan, waarna Tom Poes aankondigt dat hij zich de komende maand afzijdig zal houden. Hij zal zijn vriend wel weer uit de nesten moeten halen. Het wordt er voor de kasteelheer niet prettiger op. ’s Morgens om 5 uur opstaan en droge kaakjes in plaats van de overbekende ochtendpap.

De kern van Slagslagers cursussen blijkt al snel de slaaghouding: een houding die zelfvertrouwen uitstraalt. “Borst vooruit, buik intrekken, het bekken een weinig kantelen.” Verder gaat het erom een eigen mening te hebben, zelfs als wat vervolgens gezegd wordt nergens op slaat. Zo laat Slagslager Bommel solliciteren bij de Rommeldamse bank met niets dan de slaaghouding, een grote mond en de tekst dat de "monetaire snelheid X is". Bommel weet zich zo een weg naar de president-directeur te bluffen, maar verliest tegenover deze charismatische verschijning zijn zelfvertrouwen en wordt het pand uitgezet. Ook een poging om van Bommel als Olivier B. Flits een geslaagd coureur te maken mislukt. De door Heer Ollie voor 100 florijnen ingehuurde Bul Super gaat met het snelheidsrecord en het contract van de Cycloon Automobiel Fabrieken aan de haal en vergeet de afspraak om na de succesvolle testrit met zijn opdrachtgever te wisselen. Heer Bommel legt het tijdens de testrit uit aan zijn jonge vriend: "Het gaat er niet om dat men iets kan, maar dat men iedereen de indruk geeft, dat men het kan. Dat heeft het slaagsysteem me geleerd." Maar met die indruk gaat dus Bul Super ervandoor.[2] Ook een sollicitatie bij de minister voor de post van directeur-generaal bij de televisie mislukt als de kasteelheer over afvallen begint. Burgemeester Dickerdack is een toevallige getuige en herinnert heer Slagslager er fijntjes aan dat er al twee weken voorbij zijn.

Vervolgens neemt Slagslager zijn toevlucht tot een methode die aan mishandeling grenst: hij stelt Bommel bloot aan dagenlange sessies wis- en natuurkunde, zodat hij een leerstoel aan de universiteit kan bemachtigen als wis- en natuurkundeprofessor.[3] Zelfs 's nachts fluistert een platenspeler hem wiskundige formules in. Bommel kan alleen nog maar in wiskundige termen denken en praten. Bediende Joost vertrekt na aanmerkingen op ellipsvormige schijfjes citroen. Onderweg komt hij Tom Poes tegen en praat hem bij. Hij gaat logeren bij een achternicht en is wel bereid terug te komen als heer Olivier gered is uit de handen van de cursusleider.

Tom Poes ziet dat heer Bommel zichzelf niet meer is en neemt hem vlak voor de start van zijn inauguratielezing aan de universiteit per trein terug mee naar de bergen om de wens ongedaan te maken. Met Slagslager op zijn hielen, die zelfs een trein kaapt, slaagt hij erin heer Bommel te laten wensen "dat alles weer wordt als vroeger". De kasteelheer krijgt opnieuw een stuk druipsteen op het hoofd en verliest het bewustzijn. Als cursusleider Slagslager hem bij kennis brengt is zijn cursist het geheugen kwijt. Het slaagsysteem, dat in feite alleen cursusleider Slagslager zou doen slagen, heeft gefaald, en Bommel is weer de oude. Tijdens de wandeling terug naar het station werpt heer Bommel de druipsteen weg. Hij vindt het advies van Tom Poes om te wensen een geslaagd heer te zijn, absurd. Want een Bommel is immers altijd geslaagd als heer.

Bediende Joost keert terug op het kasteel en bereidt de slotmaaltijd. De burgemeester belt op om te horen dat hij zijn weddenschap van Slagslager heeft gewonnen, maar heer Bommel vindt het maar een vreemd telefoongesprek. En bij de slotmaaltijd met Tom Poes vraagt heer Bommel zich af wat de burgemeester bedoelde. "Hij weet toch wel, dat een heer en een Bommel altijd geslaagd is?" En omdat Tom Poes verder zijn mond over de slaaggeschiedenis houdt, kent de kasteelheer zelf de inhoud van deze ware geschiedenis niet.

Noten

  1. De naam van de maand wordt niet genoemd, maar de eerste zondag na de aanvang van de strip was 13 februari.
  2. In het verhaal De pier-race zat Tom Poes al als winnend coureur in de Oude Schicht.
  3. Ook E = mc² ontbreekt niet.
Voorganger:
De knollengaard
Bommelsaga
9 februari 1955 - 30 april 1955
Opvolger:
De daadsteller