Kwetal, de breinbaas

Ga naar: navigatie, zoeken

Tom Poes en Kwetal, de breinbaas (in boekuitgaven/spraakgebruik verkort tot Kwetal, de breinbaas) is een verhaal uit de Bommelsaga, geschreven en getekend door Marten Toonder. Het verhaal verscheen voor het eerst op 31 december 1949 liep tot 22 maart 1950. Thema: Het denkraam.

Het verhaal

Op een mooie dag in het vroege voorjaar belanden Tom Poes en heer Ollie al wandelend tot aan de rand van de Zwarte Bergen. Tijdens een picknick wil heer Bommel niets horen van bakerpraatjes over dwergen en tovenaars. Ze worden plotseling overvallen door een soort aardbeving en maken daarna kennis met een vreemde dwerg zonder naam. Heer Bommel neemt een ter plekke gevonden Hick-frekwentator in zijn hand en werpt hem vervolgens weg.[1] Na de aardbeving volgt er nu een ontploffing. Op het moment dat heer Bommel nogmaals het bestaan van dwergen ontkent, valt hij naar beneden en komt wederom oog in oog met de dwerg. Het ventje is aan het werk in zijn onderaardse werkplaats. Hij legt uit dat hij bezig is met een dimensie-hevelaar. Hij heeft geen naam en noemt zijn brein zijn denkraam. Maar dat is beperkt en zo beschrijft hij een voorwerp, dat Tom Poes herkent als een mes. Hierop overhandigt heer Bommel hem zijn zakmes, en daarmee[2] is de eerste transactie uit een lange reeks tot stand gekomen. Heer Bommel krijgt desgevraagd de weg terug naar Rommeldam uitgelegd. Bovendien geeft de dwerg hem ook nog een vel papier met een formule in ruil voor het mes. Onderweg bij de oude kwartskei komen ze de dwerg nogmaals tegen, waarbij heer Bommel zich bekendmaakt als de heer van Bommelstein.

Terug op het kasteel maakt heer Bommel onterecht ruzie met Tom Poes over het verloop van hun wandeltocht. Hij duldt geen tegenspraak en besluit de formule in zijn brandkast op te bergen. Maar heer Bommel komt wederom oog in oog te staan met de dwerg, die de perelaar uit de tuin nodig heeft vanwege het katalyserende grondloog. Toch nodigt de kasteelheer de dwerg uit mee naar binnen te gaan en even later zitten ze gedrieën bij het haardvuur. Het ventje legt uit dat hij geen uitvinder is maar een onderzoeker. Hij blijft net als Tom Poes op het kasteel slapen en wekt vervolgens iedereen om 7 uur met een geweldig drumstel.[3] Vervolgens blijkt de dwerg een krukas nodig te hebben voor zijn projectie naar de vierde dimensie. Heer Bommel stelt voor met de Oude Schicht naar een fietsenmaker in de stad Rommeldam te rijden. Even later blijkt dat het ventje in een schuurtje bezig is een Schicht te bouwen uit een potkachel, een emmer, enkele kachelpijpen en een paar matrasveren. Bij de demonstratie schiet hij met zijn uitvinding de lucht in. Tom Poes trekt vervolgens heer Bommel mee naar de garage om met de Oude Schicht de achtervolging in te zetten. De nieuwe schicht stort neer aan de voeten van een politieagent, midden in de stad Rommeldam. Laatstgenoemde neemt het ventje mee, ook al omdat de te hulp geschoten heer Bommel hem geen naam weet te geven. Tom Poes houdt zijn vriend van verdere interventie af omdat het ventje zichzelf wel zal weten te redden.

Heer Bommel wordt vervolgens op straat aangesproken door professor Prlwytzkofsky, die belangstelling heeft voor de vriend van heer Bommel met zijn vliegende kachel. Heer Bommel heeft iets beters voor de hoogleraar, een nieuwe zwaartekrachtformule. Omdat ook Tom Poes toe moet geven dat de formule het eigendom van heer Bommel is,[4] wordt de kasteelheer meegetroond naar de universiteit. Door loslippigheid van Tom Poes komt de langslopende professor Sickbock er snel achter dat er een bijeenkomst is in de universiteit over een nieuwe zwaartekrachtformule. Terwijl heer Bommel zijn formule bespreekt met de hoogleraren, loopt Tom Poes terug naar zijn huisje, waarvan de deur openstaat. De eerder opgesloten dwerg staat rechtop in zijn open haard. Hij werd aangetrokken door de bijzondere ‘xylogeenformatie’. Op de universiteit komen de hoogleraren tot de conclusie dat de formule van heer Bommel de wet van Newton volkomen omverwerpt. Ze zullen de senaat voorstellen de kasteelheer tot doctor honoris causa te benoemen. Bij het verlaten van de universiteit wordt de nieuwe doctor aangesproken door professor Sickbock. Heer Bommel stuurt hem voor de formule door naar de dwerg, de breinbaas. Maar de sluwe hoogleraar snelt naar binnen alwaar hij de formule vermoedt.

In het huisje van Tom Poes legt de dwerg uit dat hij de afgelopen honderden jaren alleen onder de grond in de Zwarte Bergen heeft geleefd. Maar de tijd daarvoor, toen daar zee was in plaats van land, leefden er meer dwergen van zijn soort. Zijn makkers noemden hem Kwetal. Dat kwam doordat hij iets had geroepen over een lichaam dat geheel of gedeeltelijk in water was gedompeld.[5] En wanneer heer Bommel het huisje van Tom Poes binnentreedt, krijgt ook hij de naam van de dwerg te horen. Maar heer Bommel vindt het een opschepperige naam. Zelf wordt hij binnenkort dokter, omdat hem dat op de universiteit is aangeboden. Terwijl heer Bommel verder opschept over zijn formule, meldt professor Sickbock zich aan het venster. Die vindt de formule diefstal en overgenomen van de berekeningen van de geleerde Einstein. De hoogleraar komt nu door de deur naar binnen en vindt Kwetal op zijn weg, die ontkent iets te hebben overgeschreven. Professor Sickbock noemt heer Bommel vervolgens een heler. De hoogleraar en de dwerg vertrekken. Tom Poes vindt het gunstig dat Sickbock de formule heeft gestolen. Heer Bommel kon immers geen doctor worden voor iets dat hij niet zelf had gedaan. Na een eenmalig “Hm” komt heer Bommel tot de prettige slotsom dat hij zo inderdaad van al zijn zorgen af is.

Tom Poes maakt griesmeelpap boven het haardvuur maar belandt in zijn eigen pappot. Want de dwerg Kwetal komt onhandig door de schoorsteen naar binnen getuimeld. Hij heeft voor heer Bommel een dimensie-hevelaartje meegenomen, omdat zijn formule al blijkt te bestaan. Bij de eerste demonstratie verdwijnt het huisje van Tom Poes naar de vierde dimensie. De uit zijn pappot klimmende huiseigenaar is nu ontzettend boos en wil zijn huis terug. Hij beveelt heer Bommel zijn nieuw gekregen apparaat te begraven. Dwerg Kwetal biecht vervolgens op dat terughevelen van de vierde naar de derde dimensie nog niet door hem is ontdekt. Dat is moeilijker dan andersom. Kwetal verdwijnt na troostende woorden van heer Bommel, maar Tom Poes blijft ruzie maken met de kasteelheer. Hun ruzie wordt gesmoord door professor Prlwytzkofsky. Die zit in de rats omdat de formule is gestolen, maar heer Bommel demonstreert maar wat graag zijn nieuwe speeltje, de dimensie-hevelaar. De nog overeind staande schoorsteen van het huisje van Tom Poes wordt weggeheveld. En bovendien stapt heer Bommel in bij de professor om naar de universiteit te rijden. Tom Poes stuurt hij naar zijn kasteel om te rusten en zich te laten verwennen door bediende Joost. Onderweg loopt hij de dwerg Kwetal wederom tegen het lijf. Die blijft sceptisch over het terughevelen, maar heeft wel een nieuwe en krachtiger dimensie-hevelaar gemaakt.

Terwijl professor Prlwytzkofsky op de universiteit de loftrompet steekt over heer Bommel en zijn uitvinding, komt professor Sickbock binnenstormen om het apparaat op te eisen. Tegelijkertijd dringen Tom Poes en Kwetal ook via een venster het gebouw binnen. Professor Sickbock gaat door met het afbranden van heer Bommel. Alleen professor Prlwytzkofsky blijft hem nog verdedigen. Heer Bommel vlucht en verschuilt zich achter een schoolbord, waarop Kwetal zijn formules uitschrijft. Omdat alle geleerden staan te klappen durft heer Bommel zich weer te vertonen en Kwetal als zijn assistent te presenteren. Professor Sickbock verlaat hierop het gebouw, terwijl hij de formule op het bord tracht te onthouden. Alleen Tom Poes plaatst een kritische noot omdat hij zijn huisje terug wil hebben.

Tom Poes tracht de slaap te vatten in een kist met hooi, op de plaats van zijn vroegere huis. Professor Sickbock en Kwetal zijn beiden bezig met onderzoek, maar Tom Poes schrikt wakker. Hij loopt terug naar het universiteitsgebouw en ziet ook professor Sickbock daar aankomen. Laatstgenoemde gaat de dialoog aan met dwerg Kwetal, terwijl heer Bommel eerst nog prettig naast hem blijft doorslapen. Maar nadat hij wakker is geschreeuwd door Tom Poes, wil heer Bommel professor Sickbock te lijf gaan. Die laat zijn tegenstander elegant verdwijnen met hulp van de dimensie-hevelaar. Ook de muur achter de kasteelheer en de stadswijk achter die muur blijken spoorloos verdwenen. Kwetal is bereid om zijn onderzoek verder te verrichten in de werkplaats bij professor Sickbock. Tegelijk neemt hij uit de dimensie-hevelaar de triltoller en het spilstoppertje mee, zodat het apparaat onbruikbaar achterblijft. Tom Poes besluit het duo te volgen. Hij kan vanuit de keuken naar de lager gelegen werkplaats in de kelder gluren, waar Kwetal en Sickbock de laatste hand leggen aan een nog veel grotere dimensie-hevelaar. Maar nadat Tom Poes door de vermolmde vloer naar beneden is gestort, wordt hij na een korte achtervolging door professor Sickbock in enkele meters laagspanningskabel gebonden. Kwetal houdt zich desgevraagd afzijdig. Professor Sickbock maakt als sluitstuk een verlengdraad aan het apparaat. Hij wil zo het apparaat in de kelder achterlaten en toch een demonstratie kunnen geven aan de collega-vakbroeders van de universiteit.

Tom Poes blijft boos en gebonden achter in de kelder bij de dwerg. In de woordenwisseling met Kwetal, zegt laatstgenoemde nu ook een terugschakelaar te hebben gemaakt. Daartoe uitgedaagd hevelt hij inderdaad heer Bommel terug de kelder in. Op de universiteiten zijn de hoogleraren reeds bij elkaar, omdat er ook een stuk van het universiteitsgebouw op raadselachtige wijze is verdwenen. Op het moment dat professor Sickbock een proef wil doen in het overhevelen, hevelt Kwetal elders heer Bommel en de verdwenen gebouwen weer terug. Professor Sickbock staat nu voor schut bij zijn hooggeleerde collega’s. Hij kondigt een nieuwe proef aan met zijn afstandsbediening. Maar in de kelder is Tom Poes op eigen kracht losgekomen. Hij heeft daartoe stroom via zijn voet door de zwakstroomkabels laten lopen door zijn hiel in een stopcontact te houden. Heer Bommel en Kwetal waren vooral met elkaar bezig en luisterden niet naar de gebonden poes. Op het moment dat de hoogleraar op de universiteit zijn afstandsbediening inschakelt, schakelt Tom Poes het apparaat terug. Vlak daarna springt het hele toestel uit elkaar. Na enige minuten komen Tom Poes en heer Bommel langzaam weer bij kennis. Uit een gat in de grond is Kwetal te horen. Hij heeft nu vulkaniet-erts ontdekt en kan zo de hele aarde naar de vierde dimensie hevelen. Heer Bommel roept nu dat Tom Poes de dwerg moet helpen, maar Tom Poes gooit het gat dicht met het volop aanwezige puin onder de woorden: “Dwergen horen onder de grond thuis”.

Commissaris Bulle Bas is inmiddels met agent Flatterse ter plekke van de ontploffing aangekomen, waarheen ook professor Sickbock zich woedend rept. Hij wordt opgeschreven en meegenomen wegens het beschadigen van een antieke gevel middels een ontploffing in de kelder. Volgens Tom Poes komt de geleerde er met deze specifieke aanklacht nog goed van af. Ook vindt hij dat Kwetal veilig onder de grond is opgeborgen. Onderweg naar huis probeert Tom Poes heer Bommel de verschrikkingen van de breinbaasuitvinding te schetsen. Maar dat is moeilijk omdat heer Bommel zelf als slachtoffer in de vierde dimensie was beland en zo een andere invalshoek heeft. Op slot Bommelstein eist professor Prlwytzkofsky nog een aanvullende proef, voordat heer Bommel de doctorstitel kan worden verleend. Heer Bommel ziet daartoe nu geen kans meer, waarop de hoogleraar beleefd de hoed lichtend hem een blaaskaak noemt. Joost biedt de geplaagde heer een maaltijd aan, die hij afslaat. Maar hij is wel tevreden met het woord dat de bediende gebruikt voor professor Prlwytzkofsky. “Hij is een blaaskaak”.

Tom Poes probeert heer Bommel tot slot te overtuigen met een berichtje over de waterstofbom in de krant. Hij legt uit dat de dimensie-hevelaar eenzelfde uitwerking had. Alles weg! Hierop besluit heer Bommel toch maar de eenvoudige doch voedzame maaltijd van Joost te gaan gebruiken en nodigt Tom Poes uit aan tafel. Hij beseft dat hij Kwetal heeft tegengehouden en dat dat vooral is gelukt doordat Tom Poes de ramp in de gaten had. Hij wil daarom graag drinken op de gezondheid van Tom Poes. "Op je gezondheid, Tom Poes"

Voetnoot

  1. Tom Poes had hem al gewaarschuwd dat het een landmijn kon zijn.
  2. De dwerg "Wat een denkraam moet u hebben om zo'n knap instrument zo maar bij u te dragen."
  3. Heer Bommel had hem in plaats van een haan een wekker aanbevolen.
  4. Geruild voor een zakmes.
  5. Dit is een duidelijke verwijzing naar Archimedes en zijn eureka.
Voorganger:
De betoverde prinses
Bommelsaga
31 december 1949 - 22 maart 1950
Opvolger:
Het lijm-teem